| Reglement Hieronder volgt het huishoudelijk reglement van de Stichting Fietsbuddies.
Artikel 1.1 Dit huishoudelijk reglement is van toepassing op het bestuur van Stichting Fietsbuddies Artikel 1.2 In dit huishoudelijk reglement zal de Stichting Fietsbuddies afgekort worden met de Stichting. Waar in dit reglement gesproken wordt over het bestuur, wordt het bestuur van de Stichting Fietsbuddies bedoeld. Artikel 1.3 Dit huishoudelijk reglement is vastgesteld door het bestuur op basis van artikel 10 van de Statuten van Stichting. Hoofdstuk 2: Samenstelling van bestuur Artikel 2.1 Het streven is om altijd een bestuur te hebben bestaande uit minimaal drie leden. Artikel 2.2 De Stichting streeft er naar om in het bestuur tenminste één kwaliteitszetel aan te houden; deze wordt bezet door iemand met een visuele handicap. Hoofdstuk 3: Agenda, vergadering en notulen van het bestuur Agenda Artikel 3.1 De agenda voor het bestuur wordt door de voorzitter en/of de secretaris samengesteld op basis van door bestuursleden aangeleverde informatie. Zij bepalen de urgentie van ingediende agendapunten en zorgen voor plaatsing van de ingediende agendapunten op de agenda van één van de komende vergaderingen. Artikel 3.2 De bestuursleden van de Stichting zijn gerechtigd om agendapunten in te dienen bij de voorzitter met de eventueel daarbij behorende stukken. Artikel 3.3 De secretaris zorgt ervoor, dat de agenda met de bijbehorende stukken tijdig voor aanvang van de vergadering in het bezit is van de uitgenodigden. Artikel 3.4 Een voorstel tot wijziging van de agenda kan alleen bij het agendapunt voor het vaststellen van de agenda worden gedaan. Artikel 3.5 Ieder bestuurslid is gerechtigd een voorstel te doen betreffende het uitnodigen van een niet-bestuurslid voor het deelnemen aan één of meerdere agendapunten tijdens de vergadering. Vergadering Artikel 3.6 Elke bestuursvergadering van de Stichting is besloten, tenzij in de agenda anders is aangegeven. Artikel 3.7 De voorzitter, of in diens afwezigheid zijn vervanger, is belast met het leiden van de vergadering waaronder: a) het openen, schorsen, heropenen en sluiten van de vergadering; b) het formuleren en samenvatten van de door de vergadering te nemen beslissingen en genomen besluiten; c) het volgens dit reglement in stemming brengen van de aan het bestuur gedane voorstellen en het vaststellen van de uitslagen van de stemmingen; d) het desgewenst vaststellen van een maximum spreektijd. Artikel 3.8 De voorzitter, of in diens afwezigheid de vervanger, dient er tevens zorg voor te dragen dat: a) bestuursleden de gelegenheid krijgen hun mening toe te lichten; b) bestuursleden niet afwijken van het te bespreken onderwerp. Notulen Artikel 3.9 De notulen van de Stichting kunnen op een daartoe ingediend verzoek, door wie dan ook, na goedkeuring door het bestuur, openbaar worden gemaakt. Artikel 3.10 De secretaris dient ervoor zorg te dragen dat (samenvattingen van) de notulen, zoals bedoeld in artikel 3 lid 9, openbaar toegankelijk worden gemaakt. Hoofdstuk 4: Werkgroepen Artikel 4.1 Het bestuur kan werkgroepen instellen en ontbinden. Artikel 4.2 Het bestuur is bevoegd tot benoeming en ontslag van leden van werkgroepen. Artikel 4.3 Iedere werkgroep kiest uit haar midden een voorzitter voor de werkgroep. Artikel 4.4 De werkgroepen dienen desgevraagd aan het bestuur verantwoording af te leggen over de door hen ondernomen activiteiten. Artikel 4.5 Aan het einde van het kalenderjaar dient de werkgroep een schriftelijke evaluatie van het afgelopen jaar in. Artikel 4.6 Aan het einde van het kalenderjaar van het bestuur dient de werkgroep een jaarplanning in voor het volgende jaar. Deze jaarplanning dient goedgekeurd te worden door het bestuur. Artikel 4.7 Een vergadering van een werkgroep wordt uitgeschreven door de voorzitter van deze werkgroep. Artikel 4.8 Voor een goede coördinatie neemt aan iedere werkgroep tenminste één bestuurslid deel. Artikel 4.9 Het bestuur kan een gezamenlijke vergadering uitschrijven van het bestuur en een of meerdere werkgroepen. Hoofdstuk 5: Slotbepalingen Artikel 5.1 De statuten van de Stichting staan in alle gevallen boven dit huishoudelijk reglement. Artikel 5.2 Alle bestuursleden dienen toezicht te houden op de naleving van de statuten en het huishoudelijk reglement en dienen deze ook te kennen. Artikel 5.3 In alle gevallen waarin dit reglement en de statuten niet voorzien, besluit het bestuur bij meerderheid van stemmen. |